Hete vuren: expositie in Gertrudiskerk

De werkgroep Hofzaallezingen van de Kring biedt, zoals bekend, een lezingenprogramma aan dat aansluit op de tentoonstelling Hete Vuren in het Markiezenhof.

Daarnaast heeft de werkgroep gemeend om een foto-expositie in de Gertrudiskerk in te richten waarin de welhaast grootste brand die de stad in dit tijdsgewricht trof, centraal staat. Op 10 april 1972 raakte de Gertrudiskerk tijdens restauratiewerkzaamheden in brand, waarna nog slechts een karkas restte van de eens zo fraaie kerk. In 1747 was door beschietingen van de Fransen dit gebouw ook al eens tot een puinhoop gereduceerd.
Het mag een wonder heten dat de kerk ook in de 70er jaren toch weer werd opgebouwd, zij het niet zoals het gebouw er tevoren uit had gezien.

In de foto-expositie is een aantal foto’s van de brand in 1972 en het resterende karkas op groot formaat te bekijken. Ook een tekening van de resten in 1747 is opgenomen.
De expositie staat bij de meest noordoostelijke kapel achter het priesterkoor en sluit aan op de kunstwerken die Arsis voor dezelfde tentoonstelling Hete Vuren daar heeft opgesteld.

Vergelijkbare berichten

  • Hofzaallezing 2019-5 én 6

    Paul Schnabel gaf tot verrassing van de aanwezigen niet alleen een kijk op de eigen-aardigheden van Nederland, maar toonde zich ook een fervent liefhebber van de schilderkunst door een aantal schilderijen uit de huidige tentoonstelling Lage Landen nader te belichten.

  • Vooraankondiging Geschiedenisquiz 2016

    Op vrijdagavond 15 april 2016 zal de twaalfde Geschiedenisquiz van de Geschiedkundige Kring worden gespeeld in de theaterzaal van ’s Rijks.

  • GK Vrijwilligers naar Breda

    De vrijwilligers die de Kring draaiend houden, worden jaarlijks ‘gehonoreerd’ met een passende excursie. Deze keer werd het Maczek Memorial bezocht.

  • Lof der zwakheid; Hofzaallezing 2018-IV

    In de vierde hofzaallezing van 2018 wordt Van Duinkerken nader belicht vanuit het in 2000 uitgevoerde promotieonderzoek van de inleider. Anton van Duinkerken was een der veelzijdigste en meest begaafde woordvoerders van het katholiek levensbesef en het christelijk humanisme in Nederland. In de inleiding wordt één aspect van Van Duinkerken (de literatuurcriticus) besproken.