Lezing Reimerswaal

Het spreekt aan dat een stad zomaar van de kaart kan verdwijnen. Voor Bergenaren is Reimerswaal nog steeds een stad waar gedachten naar uitgaan. Het Zeeuws Museum organiseert op zaterdagmiddag 17 januari 2015 is er om 14.00 uur in Middelburg een lezing over Reimerswaal en haar plaats tussen de andere middeleeuwse steden in de Scheldemonding. Vooraf reserveren is noodzakelijk!

Voor informatie en aanmelding klikt u op deze koppeling,  voor bredere info (ook) op deze koppeling.

Vergelijkbare berichten

  • De oudste kaarten van West Brabant

    Jan Symonsz. Indervelde maakte in 1565 een kaart van het noordwestelijke deel van West Brabant. Deze kaart raakte verloren of vergeten, en werd door kort voor de Tweede Wereldoorlog door Frans Akkermans uit Oud Gastel teruggevonden. Sindsdien heet deze kaart de ‘Gastelse kaart’. In 1590 maakte dezelfde Indervelde een tweede kaart van hetzelfde gebied, die opmerkelijk verschilt van de eerste. Er zit bovendien een bijzonder verhaal aan vast. Beide kaarten kunt u trouwens downloaden.

  • Addedadamaalal?

    Na de ALV op 13 april 2016 werd in een Bergs sfeertje (en dialect) uitleg gegeven over het Bergs dialect. Leerzaam voor leden met een afstamming van elders, maar minstens zo leutig voor de autochtone Bergenaar. Het werd een reclame-uurtje voor module 17 van de School voor Geschiedenis.

  • Wijziging bestemming stadsexcursie

    Helaas kregen wij op 20 oktober een telefoontje dat het geplande bezoek door privé omstandigheden niet door kan gaan. Er is een alternatief programma voorzien. Plus een ’troostprijs’.

  • Mooij weer SIEB

    SIEB is er in geslaagd een mooi stukje industrieel erfgoed te behouden. Wat meer is: Verborgen kunst wordt hiermee zichtbaar gemaakt voor iedereen. Bezoekers van Kees de Mooij Fiets en Fitness kunnen het gerestaureerde kunstwerk uit het gesloopte GEB trafohuis in het voormalige Liga-gebouw bewonderen.

  • Ballade van Jan van Glymes

    In het boek Jan IV van Bergen (pag 62-63) attendeert Joey Spijkers op deze ballade door Anton van Duinkerken en op het feit dat deze “een der schoonste balladen van den laatste halve eeuw” wordt genoemd. In het boek zijn (vanwege de zeggingskracht) alleen de eerste en laatste strofe weergegeven. Voor wie meer wil, is de ballade hier integraal weergegeven.